“Mensen komen voor de deelauto, maar ze blijven omdat het gezellig is”
In heel veel wijken in Nederland komen burgers zelf in actie om duurzaam gedrag gemakkelijk...
Stel je voor: je loopt een straat in Barcelona in waar tot voor kort dagelijks duizenden auto’s doorheen reden. Nu staan er bomen, zitten kinderen op de grond te spelen en drinken buren een kop koffie op een bankje midden op de weg. De kruising die ooit een druk verkeersknooppunt was, is nu een klein park met een jacarandaboom en een eik. Welkom in een Superblock.
Mijn naam is Rob van der Rijt en in het kader van een onderzoek naar rechtvaardige klimaattransities op wijkniveau bezocht ik Barcelona om met eigen ogen te zien hoe de stad haar straten teruggeeft aan bewoners en de natuur. Wat ik aantrof was inspirerend, maar ook leerzaam in de zin van wat er minder goed kan gaan. In dit artikel deel ik wat ik voorbereidend las in de wetenschappelijke literatuur (onderaan het artikel tref je de literatuurlijst), wat ik zag op straat en wat we voor de Nederlandse situatie als tips kunnen meenemen.

Het concept is in de basis eenvoudig. Een Superblock (in het Catalaans: Superilla) is een cluster van negen huizenblokken, drie bij drie, in het rasterpatroon dat stadsbouwer Ildefons Cerda in de negentiende eeuw voor Barcelona ontwierp. Het doorgaande verkeer wordt om het blok heen geleid over de buitenste straten. De binnenstraten worden autoluw of autovrij gemaakt, met een maximale snelheid van 10 tot 20 kilometer per uur, uitsluitend voor bestemmingsverkeer. Daardoor ontstaat een zone van ruwweg 400 bij 400 meter waar voetgangers, fietsers en groen de ruimte krijgen.
Het idee werd al rond 2000 ontwikkeld door Salvador Rueda en zijn team bij BCNecologia, een stedelijk kennisagentschap. Het duurde tot 2016 voordat het eerste echte pilotproject werd gerealiseerd, in de wijk Poblenou. Daar transformeerden meer dan 200 architectuurstudenten van vijf Catalaanse universiteiten tijdens de Europese Mobiliteitsweek vier kruispunten met verf, plantenbakken en tijdelijk meubilair. Wat begon als een experiment van een week, bleef daarna permanent bestaan.
Barcelona is een van de dichtstbevolkte steden van Europa, met zo’n 16.000 inwoners per vierkante kilometer. Hoewel slechts een op de vier verplaatsingen binnen de stad per auto wordt gemaakt, is meer dan 60 procent van de openbare ruimte in de straten gereserveerd voor gemotoriseerd verkeer. Dit leidt tot structureel hoge niveaus van luchtvervuiling en geluidsoverlast, die de WHO-normen ruim overschrijden.
De consequenties zijn tastbaar. Onderzoekers van ISGlobal berekenden dat het implementeren van zo’n 500 Superblocks over de hele stad jaarlijks 667 vroegtijdige sterfgevallen zou kunnen voorkomen. Het grootste deel daarvan (291 gevallen) zou komen door verbeterde luchtkwaliteit, gevolgd door minder geluidsoverlast (163 gevallen), minder hittestress (117 gevallen) en meer groen (60 gevallen). De gemiddelde levensverwachting zou met bijna 200 dagen toenemen, met een jaarlijkse economische besparing van 1,7 miljard euro.
Daarnaast is er het klimaatargument. Barcelona kampt met een sterk hitte-eilandeffect: de temperatuur in het stadscentrum kan in de zomer tot 8 graden hoger liggen dan in de omliggende gebieden. Meer groen en minder asfalt in de Superblocks kan dit effect halveren.

De implementatie van Superblocks verliep in fases, en het concept evolueerde onderweg mee.
De eerste pilotlocatie in de wijk Poblenou (2016) was een ruw experiment: verkeerspalen, afgeplakte verkeersborden, verf op straat. Het voelde provisorisch, en dat leidde tot weerstand. Bewoners klaagden over gebrek aan inspraak en het “armoedige” uiterlijk van de interventies. In een referendum stemde 87 procent van de deelnemers tegen, al was de opkomst laag (26 procent) doordat voorstanders opriepen tot een boycot.
De tweede locatie, in de wijk Sant Antoni (2017-2018), werd beter ontvangen dankzij uitgebreide participatieprocessen. Het derde project, de “Green Axes” startte in de straat Consell de Cent en markeerde een strategische koerswijziging. In plaats van het klassieke negen-blokken-model koos de stad voor groene corridors: lange straten die worden omgebouwd tot voetgangerszones met bomen, bankjes en speelplekken. In april 2023 werd het eerste deel van deze 2,8 kilometer lange corridor geopend, met 13.008 vierkante meter nieuwe voetgangersruimte en 5.299 vierkante meter nieuw groen.
Tijdens twee bestuursperiodes van burgemeester Ada Colau (2015-2023) werd meer dan 400.000 vierkante meter straat in de Eixample-wijk getransformeerd. Maar na de verkiezingen van 2023 besloot de nieuwe burgemeester Collboni het programma stop te zetten en zelfs een nieuwe tactische voetgangersstraat in het stadscentrum weer open te stellen voor scooters en bezorgverkeer.
De wetenschappelijke evaluaties laten een gemengd maar overwegend positief beeld zien.
In Sant Antoni werd een daling van 25 procent in stikstofdioxide en 17 procent in fijnstof (PM10) gemeten, samen met minder geluidsoverlast. In Poblenou ervoeren bewoners minder vervuiling en vooral minder geluid. In Horta, een wijk verder van het centrum, werden geen significante veranderingen in luchtkwaliteit gevonden, waarschijnlijk omdat de interventie daar beperkter was.
Observatiestudies van de Universiteit van British Columbia, die vijf jaar lang (2018-2022) telkens in juni het gebruik van de openbare ruimte in Poblenou maten, lieten stabiele patronen zien. Op een doorsnee middag in juni verbleven er tussen 17:00 en 19:00 uur 60 tot 90 mensen in de voetgangerszone. Onderzoekers telden ook tekenen van sociale verbondenheid: begroetingen, knuffels, high-fives.
Een opvallende bevinding kwam uit onderzoek bij speeltuinen in Poblenou. Toen ouders werd gevraagd of een verloren portemonnee op de speelplaats zou worden teruggebracht naar de eigenaar, geloofde twee derde dat dit zou gebeuren. Bij een vergelijkbare speeltuin in de oude binnenstad was dat slechts 4 procent. Dit wijst op een opvallend hoog niveau van sociaal vertrouwen in de Superblock.

Een van de meest gevoelige vragen rond de Superblocks gaat over rechtvaardigheid. Wie heeft er precies baat bij de realisatie, en kun je er ook geen baat bij hebben?
De eerste pilot in Poblenou werd geplaagd door een gebrekkig participatieproces. Bewoners voelden zich overvallen door de snelle implementatie en het gebrek aan vooroverleg. De gemeente had in haar oorspronkelijke plannen wel een uitgebreid participatietraject opgenomen, maar in de praktijk werd dit omzeild ten faveure van een snel experiment. Dat leidde tot polarisatie.
Onderzoekers wijzen ook op het risico van “groene gentrificatie”: wanneer een straat wordt vergroend en autoluw gemaakt, stijgen de huurprijzen en vastgoedwaarden, waardoor kwetsbare bewoners, huurders en studenten mogelijk worden verdrongen. Hoewel de stad aangaf dat huur- en verkoopprijzen in het Superblock van Poblenou niet afweken van de stedelijke trend, blijft de zorg bestaan, zeker nu de transformaties zich concentreren in de relatief welvarende wijk Eixample.
Er is ook een verdelingsvraagstuk in het verkeer. Hoewel onderzoek enige “verkeersverdamping” laat zien (minder auto’s in totaal, niet alleen verplaatsing), kunnen bewoners aan de buitenranden van een Superblock het gevoel hebben dat zij ongelijk worden behandeld.
De les uit Barcelona is helder: participatie en co-creatie moeten vanaf het eerste moment centraal staan, niet als bijzaak maar als fundament. De latere projecten in Sant Antoni en langs de Consell de Cent lieten zien dat intensievere bewonersparticipatie leidt tot groter draagvlak. Maar zelfs dan blijft het balanceren. Zoals onderzoekers het formuleren: transformatieve stadsplannen vereisen dat vragen over verdelingsrechtvaardigheid, procedurele rechtvaardigheid en relationele rechtvaardigheid (wie beslist er over “het algemeen belang”?) hoog op de agenda staan.
Wat kunnen we van Barcelona meenemen naar Den Bosch, Utrecht of Groningen? De context verschilt natuurlijk: Nederlandse steden hebben geen rasterpatroon, de bevolkingsdichtheid is lager en het fietsnetwerk is al veel verder ontwikkeld. Toch zijn er waardevolle lessen.
Begin klein, maar denk groot. Barcelona laat zien dat een tactische interventie (verf, plantenbakken, tijdelijk meubilair) een krachtige manier is om te laten zien wat er mogelijk is. Tegelijkertijd toont het ook dat zulke interventies niet te lang “tijdelijk” moeten blijven, want bewoners raken gefrustreerd door de voorlopige uitstraling. Plan dus van begin af aan een pad van experiment naar permanente herinrichting.
Investeer in participatie als fundament, niet als formaliteit. De fout die Barcelona in de wijk Poblenou maakte, was om de inspraak pas achteraf serieus te nemen. Onderzoek naar wijkgerichte klimaatactie laat zien dat incrementele gemeenschapsopbouw essentieel is: begin met activiteiten die niet persé over klimaat gaan (een buurtfeest, een gezamenlijke moestuin), maar die sociale banden versterken. Vanuit die basis kun je gezamenlijk werken aan grotere veranderingen.
Werk samen tussen gemeente en wijk. Een terugkerend thema in zowel de Barcelona-ervaring als in onderzoek naar wijkgerichte klimaatactie in Canada en Australië is dat wijkinitiatieven behoefte hebben aan gemeentelijke ondersteuning in de vorm van expertise, data en financiering, maar dat de gemeente op haar beurt profiteert van de fijnmazige structuur en het sociale netwerk van de wijk. Geen van beide schaalniveaus kan het alleen.
Maak de gezondheidswinst zichtbaar. De kracht van het Barcelona-verhaal zit voor een groot deel in de cijfers: 667 te voorkomen sterfgevallen, 200 dagen langere levensverwachting. In Nederland hebben we vergelijkbare uitdagingen met luchtkwaliteit, hittestress en gebrek aan groen. Het doorrekenen van de gezondheidseffecten van wijktransformaties kan helpen om draagvlak te creëren bij zowel bewoners als bestuurders.
Houd rekening met rechtvaardigheid. Vergroening van wijken moet niet alleen in welvarende buurten plaatsvinden. Zorg voor een eerlijke verdeling over de stad en neem maatregelen tegen verdringing, bijvoorbeeld door huurprijsbescherming of voorrangsbeleid voor zittende bewoners.
Consolideer lokale hulpbronnen. Wijkinitiatieven draaien vaak op vrijwilligers met beperkte capaciteit. Slimme organisatievormen (zoals het straat coördinatoren-systeem van het Australische Ecoburbia-programma) en microfinanciering kunnen helpen om de energie vol te houden.
Onderzoekers van de Universiteit Antwerpen typeren de Superblocks als een “onvoltooide paradigmaverschuiving” in het stedelijk beleid. Alle ingrediënten voor een fundamentele verandering waren aanwezig: een crisis in het bestaande model, een alternatief verhaal, een politieke beweging die het oppakte, en tastbare resultaten op straat. Maar door politieke polarisatie, onvoldoende institutionele verankering en een wisselend participatieproces is de verschuiving niet voltooid.
Toch is wat er in Barcelona is gebouwd niet meer weg te denken. De bomen op de Consell de Cent groeien, de pleintjes zijn er, en bewoners gebruiken ze dagelijks. De strijd over de toekomst van de stad gaat door.
Voor Nederlandse wijken biedt Barcelona zowel inspiratie als een waarschuwing. De inspiratie zit in het bewijs dat straten anders kunnen: gezonder, groener en socialer. De waarschuwing zit in het besef dat zelfs de beste plannen kunnen stranden als het proces niet rechtvaardig is en het politieke draagvlak niet breed genoeg.
De straat terugwinnen voor mensen is niet alleen een ontwerpopdracht. Het is ook een democratische opgave.
Dit artikel is geschreven in het kader van het onderzoeksproject ‘Hoe kun je rechtvaardige transities naar klimaatneutrale en klimaatbestendige wijken in verschillende steden in Nederland versnellen?’ van het Klimaatonderzoek Initiatief Nederland. De auteur (Rob van der Rijt) heeft het Large Language Model Claude gevraagd de tekst van het artikel te controleren op makkelijk leesbaar taalgebruik zodat het voor een zo breed mogelijk publiek te begrijpen is.
Hieronder tref je een lijst met gebruikte wetenschappelijke bronnen. Met daaronder nog enkele foto’s. De foto’s zijn gemaakt via de route: Vanaf Carrer de Consell de Cent (startpunt Passeig de Gràcia) naar Carrer del Comte Borrell via Mercat de Sant Antoní tot aan de kruising met Carrer del Parlament.
Wetenschappelijke bronnen










